zoete aardappel planten

Zoete aardappel planten en verzorgen van start tot oogst

Zoete aardappel groeit goed in een warm klimaat, maar ook in Nederland lukt het steeds beter. Met een beetje hulp en geduld kun je deze smakelijke knollen gewoon in je tuin of kas kweken. Het leuke is dat je niet met zaadjes werkt, maar met stekken. Die stekken groeien uit tot lange ranken met bladeren. Onder de grond vormen zich dan eetbare knollen. Zoete aardappel past in veel gerechten en is gezond, voedzaam en populair in allerlei keukens.

Starten met stekken van een zoete aardappel

Om zoete aardappels te kweken, begin je niet met zaaien, maar met stekken. Je neemt een zoete aardappel en laat die in water staan. Na een paar weken groeien er uitlopers uit. Die knip je eraf zodra ze tien tot vijftien centimeter lang zijn. Zet deze uitlopers in een glas water. Als er wortels groeien, zijn ze klaar om geplant te worden. Dit hele proces duurt ongeveer vier tot zes weken. Begin dus op tijd, liefst rond maart of april.

De juiste plek en grond kiezen

Zoete aardappel houdt van warmte en zon. Kies een plek waar het licht is en waar de planten beschut staan tegen wind. De grond moet los zijn, met genoeg voeding en een goede afwatering. Spit de aarde goed om en voeg compost toe. Heb je zware kleigrond? Maak dan een verhoogd bed of plant in grote bakken. Hoe luchtiger de grond, hoe beter de knollen zich vormen. Zorg ook dat de planten voldoende ruimte hebben om te groeien.

Verzorging tijdens het groeiseizoen

Als de stekken eenmaal buiten staan, geef je ze regelmatig water. Vooral in droge periodes is dat belangrijk. Laat de grond niet helemaal uitdrogen, maar zorg ook dat er geen water blijft staan. De planten vormen lange ranken die je langs de grond kunt laten kruipen of kunt opbinden. Houd onkruid weg en let op slakken. Die kunnen de jonge planten aantasten. Verder hoef je niet veel te doen, behalve geduld hebben. De plant doet het meeste werk zelf.

Wanneer en hoe oogst je de knollen

Na zo’n vier tot vijf maanden zijn de knollen groot genoeg om te oogsten. Dat is meestal rond september of oktober. Let op de eerste koude nachten, want zoete aardappel is gevoelig voor kou. Graaf de knollen voorzichtig uit met een schep of met je handen. Laat ze daarna nog even drogen op een warme plek. Dit helpt om de schil harder te maken en de smaak beter. Daarna kun je ze enkele weken bewaren op een koele en donkere plek.

Wat kun je doen met je eigen oogst

Zoete aardappel is veelzijdig in de keuken. Je kunt hem bakken, koken, poffen of pureren. Ook in soep of ovenschotels smaakt hij goed. Rauw eten wordt afgeraden, maar chips maken of friet bakken gaat prima. De smaak is lichtzoet en past goed bij hartige gerechten. Je kunt ze combineren met kruiden, groenten of vlees. Heb je te veel? Geef een deel weg of vries ze in na het koken. Zo geniet je nog lang van je eigen oogst.

Zelf zoete aardappels kweken vraagt wat voorbereiding, maar geeft veel voldoening. Het is een leuke manier om meer uit je tuin te halen. De plant ziet er ook mooi uit, met grote groene bladeren. En het oogsten is een feest, vooral als je de knollen zelf uit de grond haalt. Met wat aandacht, een goede plek en voldoende warmte kun je elk jaar genieten van je eigen gezonde voorraad.

Scroll naar boven